Iedereen wil naar 0 thuiszitters. Maar wie weet hoeveel er nu zijn?

De inzet om een sluitende thuiszittersaanpak te ontwikkelen is groter dan ooit. Gemeenten en samenwerkingsverbanden delen de ambitie uit het landelijk thuiszitterspact dat in 2020 geen enkel kind langer dan drie maanden thuiszit zonder passend aanbod van onderwijs en/of zorg. De lat ligt hoog. Maar om te kunnen bepalen of dit resultaat bereikt wordt, is inzicht nodig in het actuele aantal thuiszitters. Wat is het vertrekpunt? Dat weten we niet. Om die reden moet de aanpak zich ook hierop richten terwijl de uitvoering alvast van start gaat.

Zo’n aanpak vraagt om tijdige en juiste meldingen van scholen in het DUO-verzuimloket. Dat lukt nog niet bij alle scholen, maar het is wel een kritische randvoorwaarde. Ook onderscheid in interpretatie en definiëring van het thuiszitten leidt nu tot verschillen in registratie bij leerplicht, scholen en/of samenwerkingsverbanden. Daarnaast worden op dit moment thuiszitters die ziekgemeld zijn (zogenoemde geoorloofde verzuimers), niet in de telling meegenomen.

Er is behoefte aan eenheid van taal. Daar zijn (regionale) afspraken voor nodig. Daarnaast is het voor een sluitende aanpak noodzakelijk dat scholen ook leerlingen die 4 weken aaneengesloten ziek zijn in het landelijke verzuimloket melden. Zo komen ook zij systematisch bij leerplicht in beeld. Deze leerlingen zijn op dat moment immers ook langdurig verzuimer.

Landelijk ‘pactaanjager’ Marc Dullaert liet onlangs weten dat er meer kinderen thuiszitten dan gedacht. Dat lijkt logisch omdat er door de toenemende aandacht meer leerlingen in beeld komen. Dat is een goede ontwikkeling. Pas als we alle thuiszitters in beeld hebben, is het vertrekpunt duidelijk en wordt het echte resultaat van de aanpak inzichtelijk.

Hans Kruijssen,
Projectleider thuiszitters Amsterdam en een van de experts die u namens de Werkagenda kunt inschakelen.